Uit: Samenspraak 69 | Inhoudstafel >

Edito

Aan de slag met een chronische ziekte

Actief zijn op de arbeidsmarkt is belangrijk omdat het kan bijdragen tot het opnemen van een zekere sociale rol, tot het leggen van sociale contacten en tot een beter zelfbeeld in het algemeen. Voor mensen met een chronische ziekte komt niet alleen de rol die men in de samenleving vervult, maar ook de deelname aan de arbeidsmarkt in het gedrang. Nochtans wil chronisch ziek zijn niet zeggen dat je volledig inactief hoeft te worden op de (betaalde) arbeidsmarkt. Het feit dat je met een chronische ziekte sneller vermoeid bent of misschien een aantal dagen per week naar het ziekenhuis moet, betekent immers niet dat je volledig arbeidsongeschikt wilt en hoeft te zijn. Heel wat personen met een chronische ziekte zijn immers nog in staat om een aantal uren of dagen per week te werken.

Als je door een arbeidshandicap moeite ondervindt om werk te vinden of om je werk goed uit te voeren, kan je een beroep doen op gespecialiseerde diensten en verschillende maatregelen die de tewerkstelling van mensen met een chronische ziekte moeten stimuleren.

Bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen (BTOM’s)

Je hebt recht op bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen (BTOM’s) van zodra de VDAB je arbeidshandicap erkent. Een bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregel is een financiële tegemoetkoming die je moet helpen bij het zoeken naar werk of het uitvoeren van je job. Voor meer informatie over de erkenning van een arbeidshandicap of over de verschillende BTOM’s kan je terecht in een werkwinkel van de VDAB of op hun website

Er zijn vijf bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen, namelijk

  • tegemoetkoming in de kosten van arbeidsgereedschap en –kleding,
  • tegemoetkoming in de verplaatsingskosten van en naar het werk of de opleiding,
  • bijstand van tolken voor doven of slechthorenden,
  • werken in een beschutte werkplaats en
  • Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP).

Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP)

De Vlaamse Ondersteuningspremie (VOP) is een tegemoetkoming die toegekend wordt aan een werkgever die een persoon met een arbeidshandicap aanwerft of heeft aangeworven, of aan een zelfstandige met een arbeidshandicap. Deze tegemoetkoming dient ter compensatie van de kosten van de inschakeling in het beroepsleven, de kosten van ondersteuning en van verminderde productiviteit.

Voor werknemers bedraagt de VOP het eerste jaar 40% van het referteloon, voor het tweede jaar 30% en vervolgens 20% tot en met het vijfde jaar. Het referteloon is het loon plus alle verplichte werkgeversbijdragen (min de vermindering van sociale zekerheidsbedragen ten voordele van de werkgever). Het percentage van de VOP daalt na het eerste jaar omdat men ervan uitgaat dat er tijdens de inwerktijd meer ondersteuning nodig is. Voor mensen met verhoogde ondersteuningsnood kan een verhoging tot 60% worden aangevraagd. Als zelfstandige met een arbeidshandicap heb je 20 kwartalen recht op een VOP: de eerste vijf kwartalen wordt de VOP toegekend aan 40% en vanaf het zesde kwartaal is de premie 20% van het referteloon. Hier is geen verhoging mogelijk.  

Na vijf jaar wordt de VOP geëvalueerd om na te gaan of er nog steeds nood is aan ondersteuning. Deze evaluatie kan resulteren in het stopzetten van de premie, maar evenzeer in het behoud of verhogen van de premie indien blijkt dat de nood aan ondersteuning nog steeds groot is.

Toegelaten arbeid

Als je arbeidsongeschikt verklaard wordt door de adviserend geneesheer van het ziekenfonds betekent dit niet automatisch dat je geen job meer kan uitoefenen op de arbeidsmarkt. De wetgeving voorziet de mogelijkheid om het werk gedeeltelijk te hervatten via het systeem van toegelaten arbeid. Heel wat personen die ziek zijn tijdens hun erkende arbeidsongeschiktheid zijn immers nog in staat om een aantal uren of dagen per week te gaan werken.

Zieke en invalide werknemers die toegelaten arbeid verrichten, behouden het recht op een uitkering van het ziekenfonds naast het loon van de werkgever. De som van het beroepsinkomen en de verminderde uitkering liggen altijd hoger dan het bedrag van de uitkering indien men niet deeltijds aan het werk zou gaan. Dit geeft een stimulans om te blijven werken.

De procedure om een beroepsactiviteit te kunnen uitoefenen als werknemer die arbeidsongeschikt is, werd in april 2013 versoepeld. Je hoeft vooraf geen toestemming meer te verkrijgen van de adviserend geneesheer van het ziekenfonds. Je moet wel nog steeds vooraf aangifte doen en toestemming vragen, maar je hoeft vooraleer je begint te werken de toestemming niet in handen te hebben. Uiterlijk de laatste dag voor de werkhervatting moet je de adviserend geneesheer inlichten en zijn of haar toestemming vragen. De adviserend geneesheer heeft dan 30 werkdagen de tijd om de toestemming te verlenen.

Redelijke aanpassingen

Wanneer je aandoening ervoor zorgt dat je beperkt wordt in de zoektocht naar werk of in het uitoefenen van je job, kan je aanspraak maken op een redelijke aanpassing van de werkomgeving.[1] Iedere werknemer heeft recht op een redelijke aanpassing wanneer die geen onevenredige belasting betekent of wanneer de belasting in voldoende mate gecompenseerd wordt door bestaande maatregelen. Heel wat van deze aanpassingen worden gefinancierd door de VDAB (zie de BTOM’s).

Bij sollicitatie

Als je selectieproeven moet afleggen, kan het zijn dat je benadeeld bent omdat je bepaalde proeven moeilijker kan uitvoeren of omdat er geen rekening wordt gehouden met ziektegebonden beperkingen. Daarom is het belangrijk dat er aanpassingen gebeuren tijdens de selectieprocedure zodat je ziekte geen hindernis vormt bij je sollicitatiegesprek.   

Voorbeelden van aanpassingen tijdens de selecties zijn

  • extra tijd voor het invullen van een vragenlijst,

  • een ruimte waar de sollicitant zich kan terugtrekken om medicatie te nemen,

  • het mondeling afnemen van schriftelijke testen,

  • vragenformulieren aanpassen (bijvoorbeeld op A3 in plaats van A4) en

  • het tijdstip van de proef aanpassen aan het ritme van de sollicitant (bijvoorbeeld in de voormiddag in plaats van in de namiddag).

Op de werkvloer

Ook op de werkvloer kan je vragen dat er een redelijke aanpassing gebeurt, zodat je de job goed kan uitvoeren. Voorbeelden van redelijke aanpassingen op de werkvloer zijn

  • een aangepaste bureaustoel,

  • een speciale telefoon voor slechthorenden,

  • een aangepast computerscherm voor slechtzienden,
  • flexibele werkuren om werk en behandeling (bijvoorbeeld kinesitherapie) te combineren,
  • verplaatsing van het kopieerapparaat om lange en vermoeiende afstanden te vermijden,

  • herschikking van het takenpakket (bv. enkel klanten in de nabijheid van de onderneming om extra verplaatsingen te vermijden, andere klanten worden door een collega gedaan),

  • ondersteuning door een collega,
  • flexibele middagpauze om tijdig te eten,

  • een kantoorruimte die in de nabijheid van een toilet gelegen is,

  • parkeerplaats bij de ingang van het bedrijf en
  • pauze voor de inname van medicatie.
 

Gespecialiseerde diensten voor personen met een arbeidshandicap

De volgende gespecialiseerde diensten begeleiden mensen met een arbeidshandicap bij hun zoektocht naar werk of bij het uitvoeren van hun job:

  • Bij de dienst arbeidshandicapspecialisatie van de VDAB kan je terecht met al je vragen over een arbeidshandicap.
  • De gespecialiseerde trajectbepaling en -begeleidingsdienst (GTB) en VDAB begeleiden samen werkzoekenden bij hun zoektocht naar een job.
  • De gespecialiseerde arbeidsonderzoeksdienst (GA) maakt samen met de werkzoekende een diagnose van de arbeidscompetenties en stelt op basis hiervan een oriëntering op naar de arbeidsmarkt.
  • De gespecialiseerde opleidings-, begeleidings- of bemiddelingsdienst (GOB) biedt opleiding op de werkvloer en helpt om een passende job te vinden.

Het Gebruikersoverleg Handicap, Chronische ziekte en Arbeid

Het Gebruikersoverleg Handicap, Chronische ziekte en Arbeid werd in maart 2004 opgestart als een platform van (gebruikers)organisaties rond het thema tewerkstelling van mensen met een arbeidshandicap. Het Vlaams Patiëntenplatform wisselt er informatie uit met andere organisaties en gaat met hen in overleg over het tewerkstellingsbeleid. Als vertegenwoordiger van het Gebruikersoverleg Handicap, Chronische ziekte en Arbeid woont het VPP actief de vergaderingen van de commissie Diversiteit van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV), het Stakeholdersforum van de VDAB en het Partneroverleg Werkzoekenden met een Arbeidshandicap (POWA) bij. Zo klinkt ook daar de stem van de patiënt.

De visietekst van het Gebruikersoverleg kan je vinden op hun website.

 


[1] Wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie, B.S. 30 mei 2007.

 

Overname van inhoud

Alle artikels uit de nieuwsbrief van het Vlaams Patiëntenplatform mogen overgenomen worden mits bronvermelding, als volgt: © (jaartal) Vlaams Patiëntenplatform. Het Vlaams Patiëntenplatform verdedigt de belangen van de patiënt bij het politiek beleid en de gezondheidsinstellingen. www.vlaamspatientenplatform.be.